Literatuuronderzoek: Structuur

Ik heb inmiddels het proces en de inhoud van mijn literatuuronderzoek besproken, maar ik ben nog niet ingegaan op de structuur. In eerste instantie ging ik ervan uit dat een omslag, inleiding, hoofdstukken en conclusie zou volstaan, maar al snel kwam ik erachter dat dit niet het geval is. Elling, Andeweg, De Jong, & Swankhuisen (2011) geven in hun boek Rapportagetechniek handige tips over het schrijven van o.a. literatuurverslagen. Zo geven zij o.a. aan uit welke delen een literatuurverslag opgebouwd moet zijn, maar de belangrijkste tip was dat nagenoeg alle onderdelen van het verslag onafhankelijk van elkaar geschreven moeten worden. Niet alleen de individuele hoofdstukken, maar ook de bijlagen wilde ik op deze manier opstellen, zodat iemand die weinig tijd heeft niet het hele verslag door hoeft te nemen om 1 specifiek onderdeel te kunnen begrijpen. 

Inhoudsopgave

Iemand die weinig tijd heeft zal al snel even door de inhoudsopgave lopen. Ik heb de inhoudsopgave dan ook zo opgesteld dat er al een “sneakpeak” van de inhoud van dat hoofdstuk wordt weergegeven. Zo heb ik een hoofdstuk over verschillende soorten informatiebronnen en een paragraaf hiervan is bijvoorbeeld metazoekmachines. Om de lezer nu niet te hoeven laten gokken welke metazoekmachines ik heb gebruikt staan deze direct vermeldt na een dubbele punt:

“3.1 Metazoekmachines: Ixquick en Zoeken”

Het liefst wilde ik dit ook doen bij mijn onderzoeksvragen, maar dit bleek niet mogelijk te zijn aangezien ik met open vragen werkte waarvan het antwoord niet in 2 of 3 woorden samen te vatten was. Mocht ik in de toekomst ooit onderzoeksvragen hebben waarvan het antwoord in maximaal 3 woorden samen te vatten is, dan zal ik dit opnemen in de inhoudsopgave. Door het antwoord te geven zal de lezer namelijk sneller kunnen bepalen of hij het hoofdstuk (m.a.w. de redenatie achter het antwoord) wilt lezen of niet.

Inleiding

Elk hoofdstuk is voorzien van een korte inleiding. Hierin heb ik laten weten in welk stadium van het literatuuronderzoek de lezer zich bevindt en wat hem of haar te wachten staat in dit hoofdstuk. Dit vond ik lastig om te doen, want ik moet voldoende informatie geven om de lezer te kunnen laten bepalen of de rest van het hoofdstuk voor hem of haar interessant is. Aan de andere kant loop ik het risico dat de lezer bij voorbaat al afhaakt indien de inleiding te lang is. Het feit dat ik op papier aardig door kan ratelen maakt het er niet makkelijker op en het kost mij vervolgens veel tijd om te moeten “snijden” in een reeds geschreven tekst. Dit is dan ook een leerpuntje voor mezelf wat ook weer duidelijk naar voren komt bij het schrijven van deze blog. De intentie is namelijk om maximaal één A4 per onderwerp vol te schrijven om te voorkomen dat het een langdradig verhaal wordt en om deze doelstelling te behalen heb ik mijn teksten al flink moeten inkorten. Bij nader inzien is de term “leerpuntje” niet van toepassing daar het eerder gaat om het opdoen van ervaring (en de daarbij horende persoonlijke ontwikkeling).

Overtuiging

Ik heb niet alleen aandacht besteed aan de opbouw, maar ook aan de schrijfwijze. Ik wilde dat het verslag een overtuigende toonzetting zou krijgen, zodat de lezer niet gaat twijfelen aan mijn inzet c.q. oprechtheid. Om dit te bewerkstelligen heb ik voornamelijk de combinatie “ik moet” vervangen door “ik mag”. Hier ben ik dan ook direct in mijn voorwoord mee begonnen; “In opdracht van de Academie voor Engineering & ICT van Avans Hogeschool mocht ik in de derde periode (studiejaar 2013 – 2014, propedeuse jaar) van de deeltijd opleiding Business IT & Management een Individuele Praktijk Reflectie (IPR) maken in de vorm van een literatuuronderzoek.” Op deze subtiele manier geef ik aan enthousiast te zijn over deze opdracht. Had ik in dezelfde zin het woord “moet” gebruikt, dan zou de lezer misschien al twijfelen aan mijn oprechtheid en afhaken.

Tevens heb ik getracht de lezer te betrekken in (de logica achter) het proces. Ik heb daarom niet alleen omschreven wat ik heb gedaan, maar ook zoveel mogelijk omschreven wat er in elk stadium van het literatuuronderzoek moet gebeuren, waarom dit moet gebeuren en welke keuzes de lezer heeft. Ik probeer op deze manier de lezer het gevoel te geven dat we gezamenlijk een literatuuronderzoek aan het maken zijn. Het is op deze manier niet alleen een literatuuronderzoek, maar ook een leidraad voor de lezer die zelf ook een literatuuronderzoek mag maken! Ik ga zelfs nog een stapje verder door in het voorwoord aan te geven dat dit literatuuronderzoek ook gebruikt kan worden als inspiratiebron voor een marketingplan. Ik geef immers niet alleen het proces van een literatuuronderzoek weer, maar ga ook inhoudelijk in op de onderwerpen crowdsourcing en marketing.

Geciteerde werken:

Elling, R., Andeweg, B., De Jong, J., & Swankhuisen, C. (2011). Rapportagetechniek: Schrijven voor lezers met weinig tijd (4 ed.). Houten: Noordhoff Uitgevers Groningen.

Lammers, D. (2014). Crowd Marketing: Een literatuuronderzoek naar de inzet van crowdsourcing voor marketingdoeleinden. Puttershoek.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: